Vroeger droomde ik van ver, nu droom ik van dichtbij

Ik droom van hem. Hij is mijn gymleraar en hij is een Nederlander.
Toen ik flauw viel met gymnastiek, ving hij me op. Ik keek in zijn ogen, zo blauw. Ik ben pas 17, maar ik weet nu al dat ik geen Marokkaan wil. Als ik zie hoe mijn neven spelen met meisjes.
Alleen mijn beste vriendin weet dat ik verliefd ben. Ik ben de oudste in het gezin en heb geen zussen die me kunnen steunen.
Ik schrijf gedichten over hem in het Arabisch en ik zing als ik alleen ben op mijn kamer liefdesliedjes die ik in Marokko heb geleerd. Mijn ouders zijn Berber. Ik heb tot mijn veertiende bij mijn oma gewoond in Marokko en moest toen naar Nederland, naar mijn ouders.
Ik kende mijn ouders nauwelijks. Mijn vader is streng. Ik praat niet met hem en zie hem ook nauwelijks. Hij heeft alleen Marokkaanse vrienden en kent geen Nederlanders. Toch denk ik dat hij wel van me houdt. Op asjoura, het suikerfeest, word ik door hem verwend. Ik krijg dan geld van hem en dan voel ik dat hij om me geeft.
Met mijn moeder heb ik een betere band, ze begrijpt me beter. Soms zegt ze: ‘Ik weet wel dat je gelijk hebt, maar je weet hoe de mensen praten.’
Mijn leraar gaat met de bus en ik neem nu dezelfde bus. Mijn vader snapt niet dat ik nu opeens de bus neem. Soms lacht mijn leraar naar me en laatst vroeg hij hoe het met me ging. Mijn vader zegt over Nederlanders dat ze geen familie hebben en dat de vrouwen mogen roken en met mannen naar bed gaan. Volgens hem gaan ze als ze overlijden naar de hel.
Mijn vader houdt van een ‘normaal’, iemand van hetzelfde geloof en met dezelfde tradities. Dat geeft hem vastigheid.
Als ik ruzie heb met mijn ouders, ga ik naar mijn kamer en ga ik schrijven. Soms denk ik dat ik stom ben en niets kan. Dat komt omdat mijn moeder dat zo vaak zegt. De pen en het blaadje begrijpen me. Ik schaam me niet. Pen en papier zijn belangrijk. Ik kan alles opschrijven. Ik schrijf alles heel diep, zodat de pijn in de blaadjes blijft.
Mijn leraar heeft mijn leven veranderd. Vroeger droomde ik van ver, nu droom ik van dichtbij...
Over een klein huisje en een autootje en een leuke man met blauwe ogen.

Door: anoniem

Meld misbruik!
Reageer Via:
Reacties
Hoi, wil even reageren op je dagdroom. Vind dat je zo open en eerlijk bent! Zo dromen en stil verliefd zijn is ook heerlijk, hè. Het is nu wel een paar jaar geleden, maar weet nog dat ik verliefd was op mijn leraar Nederlands. Zie zijn gezicht nog zo voor me. Het lijkt me wel moeilijk voor jou om eigenlijk nog maar drie jaar in Nederland te zijn. Met wat je schrijft over hoe je vader reageert lijkt me het niet makkelijk om te zien hoe andere jongeren meer vrijheid hebben. Geloof helemaal niet dat jij stom bent en niets kan. Zie maar hoe je hebt geschreven, goed dat je dat blijft doen! En blijf dromen, ik geloof dat je daardoor ook dingen, die je echt wilt, waar kunt maken.

Vraag en antwoord

Stel je vraag aan de redactie en ontvang snel antwoord.

Volg ons ook op:

Jouw Troost voor Tranen profiel

Login met je e-mailadres en wachtwoord.
E-mailadres
Wachtwoord
Wachtwoord vergeten? Klik hier!

Nog geen account? Klik hier!

Sluiten